Liefde voor Kunst in de Lage Landen: Richard Jackson SMAK 2014
Richard Jackson: “Ain’t Painting A Pain”
De installaties, sculpturen, maquettes en tekeningen van de Amerikaan Richard Jackson, dit jaar 75 jaar oud, waren voor het laatst ter wereld te bezichtigen in Gent en dus togen wij erheen om deze spectaculaire verzameling te bewonderen.
Richard Jackson neemt onder meer een loopje met de action painting en zijn resultaten daarvan zijn verbluffend. Hij baseert zich ook op beroemde werken uit de kunstgeschiedenis.
Jackson bouwt schildermachines, kamergrote toestellen die hij vult met verf en die via motoren, compressoren, propellers en spuitslangen de verf op muren en doeken slingeren. Deze evenementen leiden tot ‘na-performances’ waarbij het mechanisch geschilderde resultaat dan belangrijker wordt dan de performance op zich.
Op de tentoonstelling zien wij schilderijen ‘gemaakt’ door modelvliegtuigen op afstandsbediening, een auto (Ford Pinto), een wasmachine en zo meer. Jackson beschildert bijvoorbeeld doeken door ze langs andere natte doeken te slepen, of langs de muren en vloeren van de expositieruimte. Hiermee bouwt hij vervolgens een labyrint, of een levensgrote geometrische constructie. Vele schilderingen worden na de expositie vernietigd.
Dit zijn periodes in zijn oeuvre. Hij experimenteert ook met tijd en projectielen. Zijn versie van La Grande Jatte van Seurat is een schilderij waar hij tot vandaag 90.000 keer op schoot met een hagelgeweer – de in verf gedompelde kogels laten een print na op het doek.
Of de kunstenaar bouwt een kamer met duizend zelf gemaakte en synchroon gezette uurwerken.
De Dood van Marat van David inspireerde Jackson voor deze begaanbare ruimte.
Ook het voyeuristische werk van Duchamp “Given” (Etant donnés) krijgt een versie bij Richard Jackson. We zagen deze versie ook bij theaterwerk van Jan Fabre.
In andere periodes stapelt Jackson 5050 beschilderde doeken en tekent honderden ontwerpen dankzij zijn universitaire opleiding als technisch ingenieur.
Volgens een traditie die ergens begon bij onder anderen Edgar Allan Poe, is het oeuvre van Jackson populairder en gekender bij Europeanen en niet-Amerikanen.
(Manu Bruynseraede, mei 2014)
Liefde voor Kunst vanuit de Lage Landen: Ludwig Köln (Draakje en de Ruimtespin)
Liefde voor Kunst vanuit de Lage Landen: Ludwig Köln (Draakje en de Ruimtespin)
Vorig weekend bezochten wij de heerlijke stad Keulen, en de twee meest bekende musea in het stadscentrum: het Römisch-Germanisches Museum en het Ludwig museum. In de museumshop van dit laatste kochten wij verschillende hebbedingetjes, waaronder twee gummi vingerpopjes voor onze poezen, die wij Draakje en de Ruimtespin noemden. Wij bestelden een drankje in de museumbistro, en ontdekten dat ik met mijn Afri-Cola de Derde Wereld steunde, dat Nathalie een ersatz visje kon laten zwemmen in haar glas witte wijn, en dat Draakje aan de rand van het glas kon balanceren.
(in de lobby van ons hotel)
Wij wilden vooral de beroemde Elvis en de Brillo-dozen van Warhol bezichtigen en baanden ons eerst een weg door de tentoonstelling van de ons verder onbekende Pierre Huyghe. Deze kunstenaar toonde rode mieren die uit een gaatje in de muur kropen, honingbijraten in de vorm van het hoofd van een stenen vrouwennaakt, en andere bizarre werken.
Uit de machtige permanente verzameling moderne kunst van het Ludwig hieronder enkele voorbeelden, zie ook http://www.museum-ludwig.de/
(Louise Lawler)
(Louise Lawler)
(Franz Gertsch)
(Jankel Adler)
(Manu Bruynseraede, mei 2014)
36) 5 gedichten van Charles Bukowski
“Er is iets met poëzie schrijven dat een man heel dicht bij de rand van het ravijn kan brengen.” – Charles Bukowski
224. kijk eens aan
Ik speel met woorden terwijl mijn geest gebakken wordt
en sputtert als een ei dat onachtzaam
in de pan ligt
en mijn kat kruipt in een grote
papieren zak
en loopt daarin om mij heen
en staart me aan
van daaruit.
Mijn vrouw gaat uit vanavond
en doet iets sociaals.
Vroeger lette ik daarop.
Nu let ik daar niet meer op.
Indien zij daarbuiten
plezier kan vinden
dan zou ik zeggen
dat de wereld zo
beter af is.
De muziek op de radio
is niet zo goed vanavond
nu ik met deze woorden speel,
nu ik kijk naar een rood pakket
met 50 witte enveloppen.
Wat is er gebeurd
met die nachten
toen je het ene gedicht na het andere
afscheurde, man?
Och zwijg, beantwoord ik mezelf,
ik heb helemaal geen zin
om het verleden te gaan onderzoeken,
het heden
of de toekomst.
Goed, zegt mijn brein,
ik ga ook in staking.
En mijn kat komt uit
die papieren zak gekropen
en het is
best een lome nacht hier.
now see here
playing with words as the mind fries and
pops like an egg left unattended in the
pan
while my cat crawls into a large paper bag
turns around
within and
looks out at me.
my woman is out tonight doing something
I used to mind
I no longer mind.
if she can find pleasure
out there
I would say that
the world is better for
the radio music is not very good
tonight
as I play with these words
as
I now
stare at
a red package of
50 white
what happened to those nights, man,
when you used to rip off poem after
poem?
oh shut up, I answer myself,
I don’t feel at all like examining the
past, the present or the
o.k., my brain says, I’m going on
strike too.
as my cat crawls out of the
paper bag
it’s
a fairly slow night here.
340. verademing
Met vrouwen vechten
op de paarden gokken
drinken
soms ben ik te uitgeput
om mij zelfs maar slecht te voelen.
Het is op dat moment
dat naar de radio luisteren
of een krant lezen
kalmerend werkt,
troost biedt.
Het toilet ziet er lieflijk uit.
De badkuip ziet er lieflijk uit.
De kraantjes en de spoelbak
zien er lieflijk uit.
Zo voel ik mij deze avond.
Het geluid van een vliegtuig boven
verwarmt mij
stemmen buiten
zijn lief en vriendelijk.
Nu ben ik tevreden
en niet beschaamd.
Ik zie hoe mijn sigarettenrook
zich een weg baant door de lampenkap
en alle mensen die ik verkeerd gedaan heb
hebben mij vergeven
maar ik weet dat ik opnieuw gek zou worden-
misselijk gemaakt
tot razernij gedreven
Ik heb goede avonden als deze nodig
Jij hebt ze ook nodig.
Zonder deze
zou geen enkele brug
begaanbaar zijn.
respite
fighting with women
playing the horses
drinking
sometimes I get too exhausted
to even feel bad
it’s then that
listening to the radio
or reading a newspaper
is soothing,
comforting
the toilet looks kind
the bathtub looks kind
the faucets and the sink
look kind
I feel this way tonight
the sound of an airplane overhead
warms me
voices outside are
gentle and kind.
now I am content and
I watch my cigarette smoke
work up through the lamp shade
and all the people I have wronged
have forgiven me
but I know that I will go mad
again-
disgusted
frenzied
I need good nights like this
in between.
you need them too.
without them
no bridge would be
348. escapade
Het einde van elegantie, het einde van
wat er toe doet.
Het oog op de bodem van de fles
is dat van ons
dat terug wenkt.
Oude stemmen, oude liedjes
zijn een slang die weg
Mannen worden gek van het staren in lege gezichten.
Waarom niet?
Wat kunnen ze anders?
Ik heb dat gedaan.
Het oog op de bodem van de fles
wenkt terug.
Het is alles een trucje.
Alles is een illusie.
Er moet elders iets beters bestaan.
Maar waar?
Niet hier.
Niet daar.
Traag kruipen we het imbeciele in,
we verwelkomen het als een verloren
Ik ben deze wedstrijd met mezelf beu
maar het is in deze stad
de enige sport.
escapade
the end of grace, the end of what matters.
the eye at the bottom of the bottle
is ours
winking back.
old voices, old songs are a
snake which crawls
men go mad looking into empty faces.
why not?
what else is there for them to do?
I have done it.
the eye at the bottom of the bottle
winks back.
it’s all a trick.
everything is an illusion.
there must be something better somewhere.
but where?
not here.
not there.
slowly one crawls toward imbecility,
welcoming it like a lost
I weary of this contest with myself
but it’s the only sport
in town.
249. de eenvoudige waarheid
Je weet gewoon niet hoe je het moet doen,
en je weet het,
en een heleboel andere nuttige dingen
kun je ook al niet.
Het ligt aan de manier waarop
je opgevoed bent,
of toch gedeeltelijk,
en je kunt nu niets meer bijleren,
het is te laat.
Je kunt bepaalde dingen gewoon niet.
Ik zou je kunnen tonen hoe je ze
moet doen maar zelfs dan zou je ze
nog steeds niet goed doen.
Ikzelf heb geleerd om een heleboel nodige dingen te doen
toen ik een klein meisje was
en ik kan ze nog steeds.
Ik had goede ouders maar
jouw ouders hebben je nooit genoeg
liefde of affectie gegeven
dus heb je nooit geleerd hoe je bepaalde
eenvoudige dingen goed kunt doen.
Ik weet dat het niet aan jou ligt maar
volgens mij zou je je beter bewust worden
van hoe begrensd je bent.
Hier, laat mij eens!
Kijk nu goed!
Zie je hoe gemakkelijk het is?
Neem je tijd!
Je hebt geen geduld!
Bekijk jezelf!
Je bent boos, niet?
Ik kan het weten.
Denk jij
dat ik het niet kan weten?
Ik ga nu naar beneden,
mijn favoriete tv-programma gaat
En wees niet boos omdat ik je
de eenvoudige waarheid over jou
Wil je iets van beneden?
Een hapje?
Nee?
Ben je zeker?
the simple truth
you just don’t know how to do it,
you know that,
and you can’t do a lot of other
useful things either.
It’s the fault of the
way you were raised,
some of it,
and you’ll never learn now,
it’s too late.
you just can’t do certain things.
I could show you how to do them
but you still wouldn’t do them
I learned how to do a lot of necessary things
when I was a little girl
and I can still do them now.
I had good parents but
your parents never gave you enough
attention or love
so you never learned how to do
certain simple things.
I know it’s not your fault but
I think you should be aware of how
limited you are.
here, let me do that!
now watch me!
see how easy it is!
take your time!
you have no patience!
now look at you!
you’re mad, aren’t you?
I can tell.
you think I can’t tell?
I’m going downstairs now,
my favorite tv program is coming
and don’t be mad because
I tell you the simple truth about
do you want anything from
downstairs?
a snack?
no?
are you sure?
356. zoals een dolfijn
Doodgaan heeft zijn harde kant.
Geen ontkomen meer nu.
De opzichter heeft mij in het oog.
Zijn kwade oog.
Ik heb het echt moeilijk nu.
In eenzame opsluiting.
Ik ben niet de eerste noch de laatste.
Ik vertel jou gewoon hoe het is.
Ik zit nu in mijn eigen schaduw.
Het gelaat van het volk vervaagt.
De oude liedjes spelen nog steeds.
Met mijn hand op mijn kin droom ik
van niets terwijl mijn teloor gegane jeugd
zoals een dolfijn
de bevroren zee in duikt.
like a dolphin
dying has its rough edge.
no escaping now.
the warden has his eye on me.
his bad eye.
I’m doing hard time now.
in solitary.
locked down.
I’m not the first nor the last.
I’m just telling you how it is.
I sit in my own shadow now.
the face of the people grows dim.
the old songs still play.
hand to my chin, I dream of
nothing while my lost childhood
leaps like a dolphin
in the frozen sea.
(Charles Bukowski, vertaling Manu Bruynseraede)
35) 5 gedichten van Charles Bukowski
“Je bent de onbekendste beroemde man die ik ooit ontmoet heb.” – Charles Bukowski
363. soms oorlog
Wanneer je een gedicht schrijft hoeft het
niet intens te zijn
het
kan fijn zijn en
gemakkelijk
en je hoeft je niet noodzakelijk
zorgen te maken over louter zaken als woede
of liefde of behoefte;
de grootste verwezenlijking
kan eender wanneer gebeuren gewoon
door simpelweg
op te staan
en de drukknop van die lekkende WC
een tik te geven;
ik heb dit nu tweemaal gedaan
terwijl ik dit schrijf
en nu is ze stil, de WC.
Eenvoudige problemen oplossen: dat
is het meest bevredigende, het
geeft jou een kans en het geeft al het andere
ook een kans.
We zijn gemaakt om de eenvoudige dingen
te verwezenlijken
en gemaakt om te leven doorheen
dingen
die hard zijn.
war some of the time
when you write a poem it
needn’t be intense
it
can be nice and
easy
and you shouldn’t necessarily
be
concerned only with things like anger or
love or need;
at any moment the
greatest accomplishment might be to simply
get
up and tap the handle
on that leaking toilet;
I’ve
done that twice now while typing
this
and now the toilet is
quiet.
to
solve simple problems: that’s
the most
satisfying thing, it
gives you a chance and it
gives everything else a chance
too.
we were made to accomplish the easy
things
and made to live through the things that are
hard.
127. een gratis boekje van 25 bladzijden
Ik zou sterven om een biertje sterven
om en door te leven
op een winderige namiddag in Hollywood
luister ik naar symfoniemuziek uit mijn kleine rode radio
op de vloer.
Een vriend zei:
“Al wajje moet doen is naar buiten gaan en gaan liggen
op de stoep en iemand zal je oppikken
iemand zal voor je zorgen”
Ik kijk uit het raam naar de stoep
ik zie iets wandelen op de stoep
ze gaat daar niet liggen,
alleen op speciale plaatsen voor speciale mensen
met speciale $$$$
en speciale manieren
terwijl ik sterf om een biertje op een winderige namiddag
in Hollywood
er gaat niets boven een prachtige deerne, die langs je
voorbij slentert op de stoep,
die zich voortbeweegt langs je hongerige venster.
Ze is gekleed in de fijnste stof
ze maalt niet om wat je zegt
hoe je eruit ziet wat je doet
zolang je haar niets in de weg legt
en het moet zo zijn dat ze niet naar het toilet moet
of bloedt,
ze moet een wolk zijn vriend,
in de manier waarop ze ons voorbijdrijft.
Ik ben te ziek om te gaan liggen
de stoepen beangstigen me
de hele verdomde stad beangstigt me,
wat ik zal worden
wat ik geworden ben
beangstigt me.
Ah de bluf is eraf
het grote rennen door het centrum is eraf
op een winderige namiddag in Hollywood
kraakt mijn radio en spuwt hij zijn vuile muziek
door een vloer gevuld met lege bierflessen.
Ik hoor een sirene nu
ze komt dichterbij
de muziek stopt
en de man op de radio zegt
“We sturen u een gratis boekje van 25 bladzijden:
DE FEITEN OVER STUDIEKOSTEN”
De sirene sterft weg in de kartonnen bergen
en ik kijk opnieuw naar buiten terwijl
de dichtgeklemde vuist van de kokende wolk
naar beneden komt-
de wind schudt de planten buiten
ik wacht op avond ik wacht op nacht ik zit en wacht
in de stoel bij het raam-
de kok smijt de levende rozerode zouten
ruwstekelige krab erin
en het spel gaat verder.
Kom me halen.
a free 25-page booklet
dying for a beer dying
for and of life
on a windy afternoon in Hollywood
listening to symphony music from my little red radio
on the floor.
a friend said,
“all ya gotta do is go out on the sidewalk
and lay down
somebody will pick you up
somebody will take care of you.”
I look out of the window at the sidewalk
I see something walking on the sidewalk
she wouldn’t lay down there,
only in special places for special people with special $$$$
and
special ways
while I am dying for a beer on a windy afternoon in
Hollywood,
nothing like a beautiful broad dragging it past you on the
sidewalk
moving it past your famished window
she’s dressed in the finest cloth
she doesn’t care what you say
how you look what you do
as long as you do not get in her
way, and it must be that she doesn’t shit or
have blood
she must be a cloud, friend, the way she floats past us.
I am too sick to lay down
the sidewalks frighten me
the whole damned city frightens me,
what I will become
what I have become
frightens me.
ah, the bravado is gone
the big run through center is gone
on a windy afternoon in Hollywood
my radio cracks and spits its dirty music
through a floor full of empty beerbottles.
now I hear a siren
it comes closer
the music stops
the man on the radio says,
“we will send you a 25-page booklet:
FACE THE FACTS ABOUT COLLEGE COSTS.”
the siren fades into the cardboard mountains
and I look out of the window again as the clasped fist of boiling
cloud comes down-
the wind shakes the plants outside
I wait for evening I wait for night I wait sitting in a chair
by the window-
the cook drops in the live
red-pink salty
rough-tit crab and
the game works
on
come get me.
60. de jongedames van de zomer
De jongedames van de zomer
zullen sterven als de roos
en de leugen.
De jongedames van de zomer zullen liefhebben
zolang de prijs niet
voor altijd is.
De jongedames van de zomer
zouden iedereen kunnen liefhebben;
ze zouden zelfs jou
kunnen liefhebben
zolang de zomer duurt.
Maar de winter zal ook
naar hen komen.
Witte sneeuw
en een vrieskou
en gezichten zo lelijk
dat zelfs de dood –
griezelend –
zal wegdraaien
alvorens hen
te nemen.
the ladies of summer
the ladies of summer will die like the rose
and the lie
the ladies of summer will love
so long as the price is not
forever
the ladies of summer
might love anybody;
they might even love you
as long as the summer
lasts
yet winter will come to them
too
white snow and
cold freezing
and faces so ugly
that even death
will turn away –
wince –
before taking
them.
336. de goden
Ik zit hier op de 2de verdieping
voorover gebocheld in een
gele pyjama
nog steeds te doen alsof
ik een schrijver ben.
Eén of andere vervloekte galnoot,
op de leeftijd van 71,
mijn hersencellen weggevreten
door het leven.
Rijen boeken
achter mij,
ik krab in mijn verdunnende
haar
en zoek
het woord.
Tientallen jaren lang
heb ik de meisjes
woedend gemaakt,
de critici,
de universiteits-
pluimstrijkende klieren.
Ze zullen allemaal snel
hun tijd krijgen om te vieren.
“vreselijk overroepen …”
“walgelijk …”
“een afwijking …”
Mijn handen verzinken
in het klavier van mijn Macintosh,
het is dezelfde
goeie ouwe stuurman
die mij van de straten en de parkbanken schraapte,
dezelfde simpele regel
die ik leerde in die goedkope kamers,
die ik niet kan laten gaan,
terwijl ik hier zit
op deze 2de verdieping
voorover gebocheld in een
gele pyjama
te doen alsof ik
een schrijver ben.
De goden glimlachen neerwaarts,
de goden glimlachen neerwaarts,
de goden glimlachen neerwaarts.
the gods
I sit here on the 2nd floor
hunched over in yellow
pajamas
still pretending to be
a writer.
some damned gall,
at 71,
my brain cells eaten
away by
life.
rows of books
behind me,
I scratch my thinning
hair
and search for the
word.
for decades now
I have infuriated the
ladies,
the critics,
the university
suck-toads.
they all will soon have
their time to
celebrate.
“terribly overrated …”
“gross …”
“an aberration …”
my hands sink into the
keyboard
of my
Macintosh,
it’s the same old
con
that scraped me
off the streets and
park benches,
the same simple
line
I learned in those
cheap rooms,
I can’t let
go,
sitting here
on this 2nd floor
hunched over in yellow
pajamas
still pretending to be
a writer.
the gods smile down,
the gods smile down,
the gods smile down.
357. over het lezen van een kritische recensie
Je kunt het moeilijk aannemen
en je kijkt rond in de kamer
op zoek naar de persoon
over wie ze het hebben.
Hij is niet daar.
Hij is niet hier.
Hij is weg.
Tegen het tijdstip dat ze jouw boek krijgen
ben je je boek niet meer.
en erger nog,
ze krijgen zelfs de oude boeken
niet door.
Je krijgt een reputatie omwille van
dingen die je niet verdient,
door inzichten die er niet zijn.
Mensen lezen zichzelf de boeken in,
ze veranderen wat ze nodig hebben
en leggen wat ze niet nodig hebben opzij.
Goede critici zijn even zeldzaam
als goede schrijvers.
En of ik nu een goede kritiek krijg
of een slechte
ik neem ze geen van beide
ernstig.
Ik sta op de volgende bladzijde.
Het volgende boek.
upon reading a critical review
it’s difficult to accept
and you look around the room
for the person they are talking
about.
he’s not there.
he’s not here.
he’s gone.
by the time they get your book you
are no longer your
book.
you are on the next page,
the next
book.
and worse,
they don’t even get the old books right.
you are given credit for things you don’t
deserve, for insights that aren’t
there.
people read themselves into books, altering
what they need and discarding what they
don’t.
good critics are as rare as good
writers.
and whether I get a good review or a
bad one
I take neither
seriously.
I am on the next page.
the next book.
(Charles Bukowski, vertaling Manu Bruynseraede)
Dagboekaantekening 10 januari 2014
Dagboekaantekening nacht 9-10 januari 2014
(antwoord aan fan uit Nederland)
Beste **** (privacy beschermd)
ik dacht terug aan de vraag die je me stelde ten tijde van mijn Kamer/Dahmer-expositie: ‘wat zou je een 15-jarige aanraden?’
Ik zou onze jongeren dit tonen, en hen meegeven helden te vereren. Een held is een man die terug vecht om in leven te blijven nadat hij stierf. Je kunt deze mannen bijvoorbeeld steunen en liefhebben door hun plaat te kopen of naar hun concert te komen. Ook door tekeningen en schilderijen van hun illustratoren te kopen.
Je zult denken: ik houd niet van deze muziek. Ik wel, op mijn manier, ik heb deze sterke, goede mannen en hun gaven op mijn manier diep in mijn hart, maar ik heb het hier niet zozeer over deze muziek. Het gaat om de gedachte een mens en een vriend een plezier te kunnen doen omdat hij dat verdient, want hij is verder geweest dan de meesten – en vooral weer terug.
Mij zouden mensen ditzelfde plezier kunnen doen, door een boek of een schilderij te kopen. Het is fijner voor mij dat mensen een boek of een schilderij kopen of mee helpen uitgeven en tentoonstellen, dan dat ze eisen van mij ‘kun je niets anders schrijven’ of ‘kan dat schilderij er niet anders uitzien.’ De boeken en de schilderijen zijn er al, meer kan ik niet doen, en van een vriend die zo vaak heen is gegaan en weer teruggekomen is kun je niet veel meer dan dit vragen en eisen, en ik kan altijd acties en handelingen van anderen meenemen en inzetten.
Dus om te antwoorden op je vraag over wat ik onze jeugd zou meegeven.
Manu
(bijgesloten links naar documentaires over The Big Four in LA: Slayer, Metallica, Megadeth en Anthrax. Links naar artwork van Ed Repka, tekenaar/schilder bij bands als Megadeth)
CRY ALL THE TIME
Tranen bloed kompas
blijf bij mij in al die dingen
zie mij weer in alle dingen
dan weet ik dat het goed is
dan zing ik niet meer mee
maar knik ik zacht op schoonheids’ ritme
waar altijd jij kunt zingen.
tears blood compass
stay with me in all those things
see me again in all the things
then I know it will be good
then I will not sing along again
but just nod softly on beauty’s rhythm
that always where you are all sings
(Manu Bruynseraede, 10 januari 2014)
34) 5 gedichten van Charles Bukowski
“Het vooroordeel van de ervaring delen: dat is de betekenis van vriendschap.” – Charles Bukowski
331. hier
Vijfentwintigduizend dwazen
stonden in de rij voor een gratis hamburger
op de renbaan vandaag
en kregen hem.
In 1889
ging Vincent een psychiatrisch
ziekenhuis binnen in St Rémy.
1564: Michelangelo, Vesalius,
Calvijn sterven; Shakespeare, Marlowe,
Galileo
geboren.
Een platvis gevangen gisteren,
vandaag klaargemaakt.
Te midden van het rumoer
van dit onvolmaakte leven
een verblindende lichtflits
afgelopen nacht:
toen ik de 6 katten binnen liet
was het zo perfect prachtig
dat ik me een tijdje
omdraaide
en uitkeek op het oosten
op de muur.
this place
twenty-five thousand fools
lined up for a free hamburger
at the racetrack today and
got it.
in 1889
Vincent entered a
mental asylum in
St. Remy.
1564: Michelangelo, Vesalius,
Calvin die; Shakespeare, Marlowe,
Galileo
born.
caught a flounder yesterday,
cooked it
today.
midst the din of this
imperfect life
a blinding flash of
light
tonight:
when I let the
6 cats in
it was so
perfectly
beautiful
that
for a
moment
I
turned away
and faced the east
wall.
343. de dag waarop de epilepticus sprak
Op een dag
was ik op de renbaan
en zette in op Vroege Vogel
(dat is als je op de renbaan
gaat wedden voor ze open is).
Ik zit daar met een koffie
en doorloop het Formulier
en een kerel glijdt naar me toe-
zijn lijf verwrongen
zijn hoofd siddert
zijn ogen uit elkaar
spuug op zijn lippen
hij slaagt erin dicht bij mij te geraken
en vraagt:
“Excuseer mijnheer, kunt u mij
het nummer geven van
Jongedame Dageraad
in de eerste wedstrijd?”
“Paard nummer 7,” zeg ik tegen hem.
“Dank u wel mijnheer,” zegt hij.
Die avond
of eigenlijk de volgende ochtend om
12u04 AM
Los Alamitos Quarter Horse
Resultaten op radio
KLAC
vertelde de presentator mij
dat Jongedame Dageraad
de eerste wedstrijd gewonnen had
met 79 dollar 80 cent.
Dat was twee weken geleden
en ik was er elke dag
dat er gerend werd
en ik heb die arme epileptische jongen
niet meer gezien.
De goden hebben hun manier
om jou dingen te vertellen
als je denkt dat je veel weet
of erger-
als je denkt dat je maar
een beetje
weet.
the day the epileptic spoke
the other day
I’m out at the track
betting Early Bird
(that’s when you bet at the
track before it opens)
I am sitting there having
a coffee and going over
the Form
and this guy slides toward
me-
his body is twisted
his head shakes
his eyes are out of
focus
there is spittle upon his
lips
he manages to get close to
me and asks,
“pardon me, sir, but could you
tell me the number of
Lady of Dawn in the
first race?”
“it’s the 7 horse,”
I tell him.
“thank you, sir,”
he says.
that night
or the next morning
really:
12:04 a.m.
Los Alamitos Quarter Horse
Results on radio
KLAC
the man told me
Lady of Dawn
won the first at
$79.80
that was two weeks
ago
and I’ve been there
every racing day since
and I haven’t seen that
poor epileptic fellow
again.
the gods have ways of
telling you things
when you think you know
a lot
or worse-
when you think
you know
just a
little.
330. onklassieke symfonie
De kat vermoord
in het midden van de straat
verpletterd door banden
ze is niets nu
en wij ook
terwijl we
weg kijken.
unclassical symphony
the cat murdered
in the middle of the street
tire-crushed
now it is nothing
and neither are
we
as
we
look
away.
342. Los Angeles
Er bestaat een oud gezegde
dat vooraleer de goden iemand
willen vernietigen,
zij hem eerst boos maken.
En nu ik elke dag
hier over deze snelwegen rijd
schijnt het mij toe
dat de goden zich voorbereiden
om de gehele
Stad van Engelen
te vernietigen.
Los Angeles
there is an old saying:
that those whom the gods wish to
destroy,
they first make
angry.
driving the freeways
each day
it appears to me
that
the gods are getting
ready
to
destroy the entire
City
of
Angels.
354. over de zelfverbrandingen van de Boeddhisten
“ze verbranden zichzelf enkel om het Paradijs te bereiken” –Mme Nhu
Oorspronkelijke moed is iets goeds,
vergeet een reden,
en wanneer jij zegt dat ze getraind zijn
in het niet voelen van pijn,
zijn ze daar dan zeker van?
Is het nog altijd niet mogelijk
voor een ander te sterven?
Jullie geletterden
die achterover liggen
en stellingen opwerpen ter verklaring:
ik heb de rode roos zien branden
en dit betekent meer.
on the fire suicides of the Buddhists
“They only burn themselves to reach Paradise.” –Mme Nhu
original courage is good,
motivation be damned,
and if you say they are trained
to feel no pain,
are they
guaranteed this?
is it still not possible
to die for somebody else?
you sophisticates
who lay back and
make statements of explanation,
I have seen the red rose burning
and this means more.
(Charles Bukowski, vertaling Manu Bruynseraede)
PS: I sort of recognize what Hank writes here, I did already a long time ago. I once believed a hard working artist deserves to earn a decent tax paying income career, just like any other profession. I was wrong to believe everybody around me felt the same way about that. Several months before my woman died (2010), and she was my true friend, I got these severe strokes, sometimes I feel them coming up again. Because in my country people believe not paying an honest artist for his hard work, and making a fool out of him, is the better cure. They believe calling this artist arrogant is a better treatment for him. I’m just telling you in case you know someone in this position, and you know you can save him. She told me: “You promise to become a great artist, I quit.” ‘Great’ means to me: well respected. Well I guess I’m so arrogant I can’t even stick to that promise. Whatever, this is out of my hands now, it is what YOU make of it.
Love for Art from out of the Low Countries: Jan Fabre, Illuminations/Chalcosoma
Love for Art from out of The Low Countries: Jan Fabre, Illuminations/Chalcosoma
Yesterday my fiancée Nathalie and I visited Lille, a wonderful 225.000 inhabitants city in the north of France. The city was founded in the 11th century by Baldwin the Fifth of the very mighty Countship of Flanders. In Dutch the name is derived from Middle Dutch “ter ijsel.” In French from Old French “à l’îsle.” This comes both from Latin “ad insula”: at the island (in river Deule). All inhabitants and tourists, from all over the world, whether western or eastern, African or Arab, smiled back at us when we gave them a smile, and looked like proud, friendly, hard working people, with cute little children, or without.
In the left upper corner Fabre’s famous statue “The man who measures the clouds”
The Museum of Fine Arts in Lille is about the country’s second greatest art collection after the Louvre. Its 22 km2 space + basement floors contain mainly medieval and renaissance works: over 650 top piece paintings by masters such as Brueghel, Donatello, Goya, Rubens, Monet, El Greco, Van Gogh, Seurat, Rafaël, Delacroix, Manet and Van Dyck.
Also over 4000 sketches and drawings, dozens of marble sculptures, and even ancient Egyptian and pre-medieval jewelry, clothes, tools and decoration objects. Here an ancient alabaster tile, and an Egyptian mummy shoe sole.
This is how I believe art saves the world: a magnificent, quiet, peaceful, historic art palace is maintained and visited daily by thousands of construction workers, plumbers, electricians, museum guides, teachers, students, scientists, religious leaders, families with children, and hotel and restaurant owners of a beautiful city with friendly inhabitants. My heart all melted when two weeks ago in Bruges, a museum guard, a pretty, well spoken young Congolese woman, came to bring Nathalie’s purse after my fiancée had left it unattended for a moment.
At this very moment Belgian artist Jan Fabre, born a poor boy in the poorest part of Antwerp, who lost his brother Emiel at the age of 12, exhibits in 3 parts of the world. In Bruges (BE) he shows his fourth 4 hour opera, made last year, about the friendship between Nietzsche and Wagner. Fabre wrote the words, directed all stage happenings of both magical and horrific beauty, and led the choreography of strong, good-looking men and women. In Rome (IT) he shows performance movies from the 70s and 80s where we see Jan bic-drawing, dancing, teaching and being very human. In Lille (FR) he shows sculptures where he asks attention for the very hard and disciplined illustration work of medieval monks. Fabre asks attention too for the industrial exploitation of black African miners, appealing to the world to make better arrangements for these people’s payments and working conditions.
[because 6 months ago, one of his employees threw a cat up a little too high, and the animal sprained a paw, Fabre was nearly clubbed to death in a park while jogging, by members of the Occupy and Anonymous movement]
Human rights are not in a society, or a government, or a religion. They are inside of you. The question is not how you defend your rights. The question is how you use them.
Fabre links Bosch to the Democratic Republic of Congo, former Belgian colony, as a moral indictment against the world’s exploitation of Congolese working forces and mining products. He does so by exhibiting bronze sculptures, human skulls and stuffed animals on solid gold plates, and mosaics of beetle shields.
In the museum shop you find not only these superb miniature models of Jheronimus Bosch’s fantasy creatures (I guess the painter himself would love this), but of course also very lovingly assembled books and catalogues at reasonable prices. The craziest book I’ve ever read is Jan Fabre’s “Night Book”: diary of the man’s life, starting to work as an artist worldwide from the age of 18. A true report of how mad a contemporary artist’s life can be: very tough, at times sad and lonely, risky, rather sleepless, also funny, with moments of joy (such as turtle Mieke eating a tomato) and of glory, but basically in total denial of ego, in the name of self sacrifice for all the world’s beauty.
Of course we went to see Jan’s work, but honestly we were very pleasantly surprised by the bewildering yet quiet collection, dividing of awesome rooms and galleries, and above all the kindness of the people.
Manu Bruynseraede looking at a great little painting by Bruges-Antwerp master Joos Van Cleve (1464-1541), who was the father of Corneel Van Cleve, also painter, and nicknamed Sotten Cleef (‘crazy Cleef’).
(by Dirk Bouts) Dirk Bouts was a great Leuven medieval master. I am presently following painting lessons in the academy that is situated in a street named after him.
Fabre did two chapters of his oeuvre, in two giant halls: “Jheronimus Bosch in Congo” and “Illuminations.”
The Belgian artist refers to today Dutch, back then Flemish master Jheronimus Bosch, medieval hermit-painter, who often depicted human sins, in questioning as well as confirming Christian theology.
Fabre states: “Any so called god-like superhuman giving orders, should realize he is no more than the tiniest insect taking orders.”
In the basement hall of the impressive museum, we find not only 18th century huge scale models of a dozen cities, that Sun King Louis XIV designed to be able to besiege these cities. There is also the dialogue Illuminations/Chalcosoma of Jan Fabre, in cooperation with hundreds of people and works from the Middle Ages. In the free tour guide you find a very detailed description of these medieval artefacts: hand written and illustrated (‘illuminated’) Bible copies and prayer books, on which often anonymous monks in monasteries worked meticulously, on the rhythm of nature, their entire lives, in devotion and discipline.
For instance: you find a medieval decoration skull, with a clockwork in its top. Fabre places a bronze skull of his next to it, with a compass in its top. (not in this picture)
Jan Fabre often works with the idea of both physical and mental restraint, and self discipline. By using symbolic objects such as swords, helmets and skulls, or ritual athletic body performances, his work pleads for nature and biology science, and rational use of the healthy, human mind. Many people don’t see that. Many people see things that aren’t there.
I love swords, I collect a few. I love Arabic and Japanese ones, but I prefer Christian medieval ones. This Jan Fabre specimen is no doubt the most sublime sword I’ve ever seen.
Fabre wore this bronze-copper locust helmet in a many hour performance movie once, during which he was dressed in a suit of armor, throwing with heavy hammers and axes, and people tapped blood from his body that he used for drawing. In the end of his art performance he got so exhausted he fainted and needed to be hospitalized.
“For me, death is not an ending. It is a new situation of existence.” (Jan Fabre)
Emmanuel de Witte was a 17th century Dutch painter of (mainly church) interiors. He married twice and had two children. He was a great talent but also always in need of money, and he sometimes embarrassed his highly regarded employer-patrons by destroying his own paintings again after assignment dispute, or by prosecuting them about payment for his painting work. He worked in Delft where he was taught by Evert Van Aelst. Later he moved to Amsterdam to teach pupils and painted the Old Church a lot. He then often fantasized with interior elements, displacing pillars, ornaments and beams. After an altogether prosperous and successful life, he ended up at the age of 75 for a rather stupid reason. Chased by a landlord he decided to hang himself from a bridge over the Singel, but the rope broke, and he froze in the winter water that only thawed 11 weeks later, so his body could be found. Peace be upon the soul of the master who made this very powerful underneath picture.
Manu Bruynseraede returns home after a working day during which he paid … during which he earned … anyway we are working on this.
On this one day trip to Lille I smoked 5 cigarettes. Ieri ho fumato cinque sigarette.
(Manu Bruynseraede, Dec 2013)
- 1
- 2
- …
- 14
- Volgende →
























































